De draak van Wawel

Op een duistere onweersavond met een  rollende donder en flitsende bliksems, schuilden we, met andere vreemdelingen, onder één van de oude stadspoorten van Krakau. Onverwacht en geruisloos was er opeens die poortwachter.
Hij ging gekleed in het oude kleurrijke tenue van weleer. Toen hij bemerkte dat we allen vreemdelingen waren, bood hij ons aan de tijd te doden met een verhaal uit oude tijden, toen Krakau gegrondvest werd.  Wel moesten we beloven het verhaal door te geven opdat oude kennis nooit verloren zou gaan. Na afloop was hij even plots en geruisloos verdwenen als hij verschenen was.
Dus hoort en zegt het voort!

Floriańska Poort, Krakau.

De Krakauwers leefden gelukkig onder het bestuur van de legendarische koning Krak die de stad gegrondvest had. Tot er op een zekere dag een draak uit het grimmige noorden kwam. Hij ging in een grot onder het Wavel kasteel bij de rivier Vistula (de Weichsel) wonen. Hij maakte zich er een mooi klein hol in het zandsteen. Dat hol is vandaag nog steeds te zien: koel, vochtig, donker en somber zoals draken dat prettig vinden. Zeker de draken die uit het grimmige noorden komen, vinden dat fijn.

De  vuurspuwende draak Smok Wawelski”, Dragon’s Den, Wawel, Krakau.

De moeilijkheid was dat dit vuurspuwende beest een heel vreemd dieet had. Het at bij voorkeur maagden. Wel, soms was een dozijn ganzen of een koe voldoende maar dat verzadigde hem niet echt. Voor hem was een was één meisje per dag de de kern van een voedzame maaltijd. De bevolking was wanhopig maar de koning deed niets tot dat zijn eigen dochter de enige overgebleven maagd was. Toen zij aan de beurt was, wist de koning bij Krak uitstel de bedingen en vroeg om hulp aan de dapperste ridders en prinsen van de landen rond Krakau. De beloning voor het doden van de draak was half zijn koninkrijk én ook de hand van de, uiteraard, beeldschone prinses. De ridders en die prinsen bleken echter waardeloos.

Hen doden hield de draak  slechts eventjes bezig (maar wel maakten ze zijn maag van streek zodat hij ook steeds ongeduldiger werd. Zoals eerder de maagden opraakten, kwam er nu spoedig met een nijpend tekort aan jonge edellieden, die bereid waren de draak uit te dagen. Na een slapeloze nacht van Krak (waarin de draak, beneden in zijn duitstere hol, de laatste dappere strijder verteerde) kwam er een jonge man Dratewka” om de koning te spreken. Het was een schoenmakertje maar wel met een plan. (Zijn naam was Dratewka wat kleine dratwa” betekent. Dratwa is schoenmakersdraad, dus: nomen est oomen?)

Het was een eenvoudig maar slim plan. Zijn voorstel was een schapenvacht te vullen met zwavel en pek, het daarna weer dicht te naaien en dan voor het drakenhol te leggen. Dus deed de schoenmaker dat. Toen de draak ‘s morgens ontwaakte was zijn eerste gedachte: ontbijt! En hij verslond het gehele schaap in één keer. Zijn bek werd gloeiend van de zwavel. Daarom rende de draak naar de rivier en dronk … en dronk … tot de rivier half leeg was. Daardoor zwol zijn maag zo erg dat hij barstte. Dat was het einde van de draak. Het vervolg is tamelijk duister. Kennelijk was de schoenmaker niet in de beloningen geinteresseerd, noch in de prinses, nog in het halve koninkrijk. Hij verliet de stad, waarom? Wie zal het zeggen? Misschien is hij een wereldreis gaan maken, dat zou in die tijd vele jaren gevergd hebben. Of was hij toch een verhulde prins die met de prinses trouwde waarna ze nog vele jaren gelukkig verder leefden? Wie zal het zeggen?

Voorspelbaar zijn dus de huidige grappen: Als de draak, echt alleen maagden lustte, zou hij heden ten dage van de honger zijn omgekomen”. Zouden er  dus geen draken meer in Krakau kunnen leven. Vergeet het! De draak is er nog, overal in de stad. Bij de rivier waar zijn ijzeren standbeeld vuurspuwt naar de ingang van de drakengrot, in het kasteel waar de koperen goten versierd zijn met drakenkoppen, de bek wijd open. Tijdens het zomerfeest (begin juni) dansen grote, kleurrijke draken door de straten van Krakau, onschuldig maar wel  in een regen van vuurwerk.

Draken parade, Krakau

Ook nu nog publiceren de plaatselijke kranten afbeeldingen van de draak. Dus hoera: Smok Wawelski leeft!

Vertaling: Ik ben niet zo conservatief. Die vrouwelijke maagdelijkheid komt voor mij pas op de tweede plaats. (Tekening: Andrzej Mleczko)

Voor de sceptici

De Draak van Wavel heeft echt bestaan! Misschien was het niet het monster dat maagden als ontbijt had, maar een feit is dat de naam, in 2011, werd gegeven aan de prehistorische reptielen die zo’n 200 miljoen jaar geleden op het Poolse grondgebied leefden.
Volgens Wikipedia is: Deze bijzondere draak een uitgestorven geslacht van de grote vleesetende archosaurus, die tijdens het laatste Trias (van het jongste Norian tot het begin van het Rhätische stadium, zo’n 200 Miljoen geleden) woonde in wat nu het dorp Lisowice, in het zuiden van Polen, is. Die soort is groter dan de andere bekende roofzuchtige archosauriers uit het Late Trias het de Vroege Jura van Midden-Europa “.

Dergelijke giganten had zelfs ook Dratewka waarschijnlijk niet niet kunnen verslaan! Grrrrrrrrrrrrrrrr!

Hutte

zie ook: Betoverend Krakau

 Foto: Katarzyna Olczak