Betoverend Krakau

Kraków (Krakau), gelegen aan de rivier de Wisła (Weissel), is de hoofdstad van de provincie Małopolska (Klein-Polen) Het is een bijzondere plaats op de kaart van Polen. Dit is waar het hart van Polen echt klopt! Door de eeuwen heen werden er de koningen gekroond en begraven (in de crypten onder het Koninklijke Kasteel Wawel). Toen de diepe duisternis viel over het opgedeelde Polen, toen het land helemaal van de kaart verdween, toen was het hier, dat de meest waardevolle historische voorwerpen en symbolen werden behouden. Toen was het alleen hier dat de Polen, die de oude glorie zochten, nog hun dorst konden laven en troost vonden voor hun geest.

Floriańska straat

Nog belangrijker, in tegenstelling tot andere steden als Gdansk (Danzig), Warszawa (Warschau) en Wroclaw (Breslau), werd Kraków (Krakau) niet vernietigd in de Tweede Wereld Oorlog. Dat betekent dat het aanraken van de oude muren van de stad tevens een aanraking is met de eerbiedwaardige geschiedenis die hier overal nog om de hoek droomt.

 Een beetje geschiedenis

De oudste nederzettingssporen bij Krakau dateren van zo’n 50.000 vbj. In de 7de en 8ste eeuw vestigde de Vistulastam zich hier en vormde er hun krachtig machtscentrum.
Volgens een aantal  oude  legenden vindt de naam van de stad zijn oorsprong in de naam van hun heerser Krak. Al in de late 10de eeuw werd het één van de belangrijkste centra van de Poolse staat. Het werd in 1320 de hoofdstad toen Ladislaus de Korte (Władysław Łokietek) tot prins van Mało-Polska (Groot-Polen) werd gekroond (tot dan toe was het gezag in de handen van de uit Wielkopolska (Klein-Polen) stammende dynastie der Piasts). Krakau was formeel, tot de derde Poolse deling in 1795, de hoofdstad van heel Polen maar al in 1595 werd de zetel van de Poolse koningen verplaatst naar Warschau.

De beste jaren voor Krakau waren wel de late Middeleeuwen en de Renaissance (het tijdperk van de dynastie der Jagiellonen). Krakau was toen het belangrijkste politieke, economische, wetenschappelijke en commerciële centrum van het land. Haar belang verminderde nadat Warschau de hoofdstad werd. Na Zweedse invasie en plunderingen in 1655 kende de stad een zeer sterke achteruitgang. Tijdens de Poolse delingen werd Krakau zelfs toegevoegd aan de Oostenrijkse monarchie.

 Planty bij zonsopgang, Stanisław Wyspiański, 1894

Tijdens de periode tussen beide wereldoorlogen (het interbellum) is de stad weer overeind gekrabbeld maar kreeg zwaar te lijden tijdens de Tweede Wereldoorlog. De stad kreeg toen zelfs een Duits bestuur (het Generaal Gouvernement Polen) en de hoogleraren van de Jagiellonian universiteit werden gedeporteerd naar een aantal concentratiekampen. De Joden (er waren er ca. 45.000 in het gebied) werden vermoord en veel waardevolle monumenten en kunstwerken zijn toen geroofd of vernietigd.
Bij de bevrijding door het leger der Sovjets in januari 1945, ontsnapte de stad Krakau maar nauwelijks aan het droevige lot van de meeste historische P
oolse steden (die zeer grondig verwoest zijn). De Duitsers (klaar om ook de oude stad op te blazen) hadden strategische locaties en ook veel historische gebouwen, al ondermijnd maar met een snelle omtrekkende beweging slaagde maarschalk Ivan Konev, (commandant van het Oekraïense Front) erin om zulk een  barbarij hier te voorkomen. Konev deed dit op persoonlijk verzoek van Jozef Stalin die daartoe onder zeer grote westerse diplomatieke druk stond.

Sinds 1978 staat Krakau op de UNESCO-lijst van cultureel en natuurlijk erfgoed. De stad herbergt wel zo’n 5971 historische gebouwen (kerken, paleizen, kastelen en begraafplaatsen), maar wij zagen slechts een klein deel van deze rijkdom.

DE OUDE STADSMARKT

In de zomer bruist de oude Krakauer markt, het grootste plein van deze soort in Europa, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat van leven. Maar dat leven gaat er wel een beetje rustig aan toe, hetgeen we ervoeren tijdens het wachten op onze ochtendkoffie. Maar is er iets leukers dan de tijd doorbrengen met kijken naar de mooie calèches en de Renaissance huizen, comfortabel zittend op een overdekt koffieterras, één van de vele rond het plein. In een zo rijk gevulde geschiedenis als die van Krakau gaat de tijd vanzelfsprekend wat trager dan elders.

Oude Markt

Een bezoek aan de oude binnenstad van Krakau is nodig om het beroemde Krakauer signaal te horen dat geblazen wordt door een hoornblazer. De trompet klinkt van de hoogste van de beide torens van de kerk van St. Mary (Maria ten Hemelvaart). In het elektronische tijd-perk is die hoorn vrij uitzonderlijk. De hoornblazer met zijn gouden trompet is te zien in de vier vensters van de toren wanneer hij die heel befaamde melodie op ieder heel uur, naar de vier windstreken blaast. Bij de laatste, de vierde, keer breekt het signaal af.
Dat is volgens traditie omdat de trompetter toen hij de stedelin-gen waarschuwde voor aanstormende Mongolen (in 1241), tijdens het blazen door een pijl werd gedood, zodat hij er niet in slaagde de laatste, vierde, melodie af te ronden. Het hoornsignaal Hejnal.

Afbeelding: de kerk van Maria ten hemelvaart

De kerk van de heilige Maria is gebouwd in de 13de eeuw, op de ruïnes van een oude romaanse kerk, vóórdat de markt werd afgebakend. Daardoor staat het gebouw in een hoek ten opzichte van de omliggende straten. Een karakteristiek kenmerk van de kerk is dat de twee voorste torens iets verschillend in grootte en in uiterlijk zijn. De redenen hiervoor zijn onbekend. Het interieur van dit grote gotische gebouw bevat veel heilige voorwerpen; altaren, grafstenen, schilderijen, kapellen, beelden, enz., van diverse ouderdom.

Het meest waardevolle monument is het altaar voor de heilige Maria gemaakt door Veit Stoß uit Neurenberg in de jaren 1477-1489. (Tijdens de 2de  Wereldoorlog hebben de Duitsers het meegenomen naar Neurenberg, maar het altaar werd met succes hersteld en keerde, in de jaren ’50 van de 20ste eeuw, terug op haar plaats). Boven het altaar ziet men de oorspronkelijke gotische gebrandschilderde ramen uit de 14de eeuw, ze behoren tot de oudste in Polen. Deze Mariakerk is slechts één van de 87 kerken in Krakau. Afbeelding: Veit Stoss altaar.

Een andere heel belangrijke bezienswaardigheid op die Oude Markt is de heel befaamde Lakenhal Sukiennice” (zoiets als een renaissance supermarkt). De naam komt van het woord sukno” (doek), het doek uit Vlaanderen en  uit Duitsland dat daar oorspronkelijk werd verhandeld. Het huidige gebouw dateert uit de 16de eeuw. Op de begane grond zijn kraampjes met typische souvenirs en sieraden en op de eerste verdieping is vindt men een tentoonstelling van Poolse schilderkunst .

Sukiennice

Rechts naast het gebouw vindt men de „taxi” standplaatsen, waardoor Krakau zo bekend is. Het zijn niet langer de echte magische wagens uit de poëzie van Konstanty Ildefons Galczynski, doch calèches en koetsjes, maar rijden doen ze! Ze zijn een must” geworden.

Betoverende rijtuigen

Net als het proeven van de beroemde Krakauer pretzel (zoute krakeling)! Het derde kenmerkende doel op de markt is het monument voor de dichter Adam Mickiewicz (hij leefde in de eerste helft van de 19de eeuw). Hoewel hij  nooit in Krakau geweest is, werd hij begraven in de crypte van het kasteel Wawel. Elk jaar op de naamdag van Adam (24 december) leggen de bloemisten van de stad bloemen aan de voet van dit monument.

Sinds de herfst van 2010, kent de Markt nog andere attractie. Het is een fantastisch ondergronds multimedia museum (het grootste in zijn soort ter wereld), waarin de vroegste geschiedenis van Krakau wordt getoond. Bezoekers krijgen hier fragmenten van de opgravingen, een begrafenis, de vroege nederzetting en kraampjes te zien, ook staan ze oog in oog met de bewakers en krijgen de echte geluiden van de stad te horen, want de tentoonstelling wordt begeleid met speciale effecten, hologrammen en vele andere attracties.

Eén van de gangen van de ondergrondse stad

Rondom de markt

De Wandeling rond de markt begint bij de Florianska straat, dat is de meest representatieve winkelstraat van de stad. De gebouwen werden in de 12de, de 13de, en de 14de eeuw gebouwd. De straat eindigt met de St. Florian poort, gebouwd in 1300. Dit is een ander zeer opvallend gebouw in Krakau. De aangrenzende vestingmuur is de plaats waar een tentoonstelling van schilderijen is die verzorgd wordt door een speciale kunstgalerie. Men kan daar charmante landschappen en panorama’s van de stad aanschaffen.

st. Florian poort  

Buiten de poort en de vestingmuur is er een Bastion (Pools: Barbakan) – een ronde verdedigingstoren uit de 15de eeuw –  één van de slechts drie ter wereld die in zo’n goede staat behouden zijn. Het is nu het hoofdkwartier van het Historisch Museum, dat er verscheidene tentoonstellingen verzorgd.

Barbican

Draait men naar de linkerkant van de St. Florian poort dan betreedt men de St. John Street, waar zich het Czartoryski Museum bevindt. Het werd, 1801 in Pulawy (zuidoost Polen), gesticht door prins Adam Czartoryski en zijn vrouw Izabela. Het is het eerste echte museum in Polen. Het meest waardevolle kunstwerk in dit museum is wel het schilderij Dame met hermelijn” van Leonardo da Vinci. Aan de overkant van de straat is, verbonden met het Czar-toryski Museum, het Arsenal. Bijna alle appartements-gebouwen rondom de Oude Markt en in de aanliggende straten hebben een rijke geschiedenis. Gedetailleerde informatie vindt men in een stadsgids of op de gedenk-laten voor de beroemde inwoners en gebeurtenissen. Het is vermeldenswaard dat de architectonische stijl van de stad voor een groot deel te danken is aan Italiaanse kunstenaars. Velen van hen werden in de 16de eeuw door koningin Bona Sforza naar Polen gehaald.

Pijarska straat, rond het Czartoryski Museum

DE KONINKLIJKE BURCHT WAWEL

Het meest Poolse van alle Poolse plekken, het schitterenste symbool van de Poolse geschiedenis, is Wawel. De naam „Wawel” (de „w” klinkt als een „v”) van het Koninklijk Kasteel komt van de heuvel waarop het is gebouwd. De heuvel was al in de 8ste eeuw de zetel van lokale vorsten. In de 9de eeuw werden er de eerste stenen gebouwen opgetrokken. Herhaaldelijk uitgebreid en verbouwd, vernietigd en uitgebrand, is het kasteel complex  geen architectonische eenheid meer doch een mix van verschillende stijlen – romaanse, gotische en renaissance.

Koninklijk Kasteel

Het mooiste deel van het kasteel werd in de 16de  eeuw gebouwd, toen de bouwwerken begeleid werden door Italiaanse architecten. Toen werd ook het prachtige klooster met drie verdiepingen gebouwd dat later werd gekopieerd in andere adellijke residenties. Het was een periode waarin het Wawel kasteel tot de mooiste koninklijke residenties in Europa behoorde. Helaas, als gevolg van branden en plunderingen (veel ervan zijn uitgevoerd door de Zweden in 17de eeuw), hebben slechts enkele authentieke souvenirs die tijd overleefd. Onder hen zijn de onvervangbare wandtapijten uit de verzameling van koning Sigismund Augustus. Ook de koninklijke schatten werden gered.

Koninklijk Kasteel – binnenplaats

Een bezoek aan het kasteel is verdeeld over verschillende routes: staatsie kamers, koninklijke vertrekken, kroonjuwelen, de wapenkamer en de route van de verloren Orientaalse kunst van Wawel”. Een aparte route betreft de Wawel kathedraal met de Sigismund Toren (met de beroemde klok!) en de koninklijke grafkelders.

 Wawel Kathedraal

Hier werden de Poolse koningen gekroond en er in de kelder begraven. Het is ook de laatste rustplaats voor de verdienstelijke dichters en politici. Dus klinkt op de belangrijke nationale momenten de „stem” van die belangrijkste Poolse klok. – „klokke Sigismund”. Gewend aan de eenvoud en de soberheid van het pro-testantisme zal een Nederlander het interieur, met  al die standbeelden, schrijnen en sarco-fagen, wat misprijzend bekijken. Maar met enige kennis van de Poolse geschiedenis zal hij toch begrip hebben voor de sfeer en diepe emotie die veel Polen hier voelen.

Gebouwd in 14de eeuw is de kathedraal later begroeid geraakt met talrijke kapellen, het interieur is gevuld met de prachtige stenen sarcofagen van de vooraanstaande stadhouders en de koningen: Władysław Łokietek / Ladislaus de Korte (de eerste koning van de Mało-polska Piast-dynastie), Władsław Warneńczyk / Ladislaus van Varna (Pools en Hongaars koning, gedood in 1444 tijdens de slag van Varna (tegen de Turken). Zijn sarcofaag is leeg omdat het lichaam van de jonge koning nooit werd teruggevonden op het slagveld), Kazimierz Wielki / Casimir de Grote (de bouwer van de grote Poolse verdedigingslinie van stenen kastelen, de zogenaamde Adelaarshorsten) – foto rechts. (Een populair gezegde is dat hij „Polen in hout gebouwd aantrof en het in bakstenen verliet”), Władysław Jagiello (de overwinnaar der Teutoonse Ridders in de slag van Grunwald (Groene Woud)  in 1410) en zijn vrouw Hedwig van Anjou (de mooie koningin die nog steeds geliefd is bij veel Polen) ja nu heel geliefd bij alle mensen omdat ze haar juwelen schonk om de Academie van Krakau weer overeind te krijgen – die academie heet nu de Jagiellonian University). Onder de rijkdom aan memorabilia en regalia, is het een houten overblijfsel van Hedwigs kist, uit haar graf, dat de grootste emoties oproept.

In het midden van deze kathedraal staat, onder een luifel, de zilveren kist met de overblijfselen van St. Stanislaus, de bisschop die in 1079 vermoord zou zijn door koning Bolesław Śmiały (de Dappere – zie: Oud Pools mysterie).

 Klokke Sygmunt

Tijdens een bezoek aan de Wawel kathedraal is het een must om de Sigismund toren te beklimmen, om de beroemdste Poolse klok, de zogenaamde Sigismund Klok, te bewonderen. Deze klok werd geschonken door koning Zygmunt Stary (Sigismund de Oude) en werd plechtig ingewijd in 1521. Hij weegt 12 ton, de omtrek is 8 meter en de diameter is 2,5 m. Tegenwoordig slaat de klok alleen voor de aller belangrijkste gelegenheden zoals religieuze en nationale vieringen. Er zijn wel 8 – 12 (gekozen) mensen nodig om de lichaamskracht te leveren die nodig is om de klok op gang te brengen. Om de klok te bereiken moet men langs de smalle houten trap klauteren en tussen de dikke houten balken door kruipen hetgeen een leuke uitdaging is. Onderweg ziet men ook de vier kleinere klokken. Foto: de „Sigismund” Klok.

Een krypte

Tegenover en onder de toegang naar de hoge toren zijn de ondergrondse gewelven, waar in de 16de en 17de eeuw in de oude crypten de Poolse koningen, met hun vrouwen en kinderen, begraven werden. Ook verdienstelijke Polen rusten er: dichters als Adam Mickiewicz, Cyprian Kamil Norwid en Juliusz Slowacki maar ook generaal Tadeusz Kosciuszko, prins Jozef Poniatowski, maarschalk Józef Piłsudski en generaal Wladyslaw Sikorski. Een bezoek aan deze crypten roept in de Pools harten stevige gevoelens op. Hier zo dicht bij de overblijfselen van de mensen die, meer of minder, succesvol hun stempel drukten op de tragische geschiedenis van hun zo vaak vertrapte land, komen vaak emoties los.

Koninklijke doodskisten

Koninklijk kasteel

Het is mogelijk om een hele dag te besteden aan een bezoek aan het koninklijk kasteel, maar om een aantal redenen kozen we er voor slechts de „Residential Royal Chambers route” te doen (op de foto hiernaast de ontvangstruimte voor de Afgevaardigden). Die begint op de binnenplaats, omringd door de beroemde kloosters. Met een beetje fantasie kan men zich voorstellen koningin Bona te zien wandelen met haar hofdames of met politici (want ze was tamelijk politiek actief). De representatie interieurs van Wawel zijn (net als andere kamers) slechts reconstructies, omdat het kasteel herhaaldelijk werd verwoest, beroofd en verbrand is de oorspronkelijke inrichting niet bewaard gebleven. Gelukkig is dat wel het geval met de grote collectie van 16de eeuwse tapijten (de zogenaamde „Arras”, uit Arras, de stad van oorsprong) die de belangrijke versiering van de kamers vormen. Deze tapijten werden verzameld door koning Zygmunt Augustus die er zeer op gesteld was. Bij een bezoek aan dit deel van het kasteel passeren de bezoekers ook de gangen, de troonkamer en de zaal van afgevaardigden, waar het plafond versierd is met waarde-volle gebeeldhouwde hoofden – portretten van de burgers van Krakau. (Het is spijtig, maar het maken van foto’s in de kamers van Wawel is verboden).

Moe van het slenteren door de grote interieurs rustten we wat voor we de rest van de route zouden afwerken, dus zaten we in de kamer waar het enorme schilderij van Jan Matejko, „De Pruisische Homage”, is tentoongesteld. Daarop ziet men de meest beroemde koninklijke bewoners van het kasteel – koning Zygmunt Stary, zijn vrouw koningin Bona en hun kinderen, met inbegrip van kleine Zygmunt Augustus. De privé- ruimten kunnen alleen bezocht worden met een gids. Bezoekers kunnen er onder andere de koninklijke eetkamer, de kleedkamer en ook de schatkamer (met het kroningszwaard van de Poolse koningen uit de 14de eeuw) bezoeken. Zie ook: De draak van Wawel en Koninklijke love story.

 KAZIMIERZ

Kazimierz – de oude Joodse wijk van Krakau – is een van de belangrijkste toeristische attracties, evenzeer als een belangrijk centrum van het culturele leven. Wandelen door de straten betekent het ontmoeten van een wereld, die sinds lang is verdwenen maar overgebleven monumenten spreken over de vergane grootsheid. De naam stamt van koning Kazimierz Wielki, die de stad stichtte. Tot in het midden van de 19de eeuw was Kazimierz een aparte stad, gescheiden van Krakau door een muur. Tot aan de 2de Wereldoorlog werd deze wijk voornamelijk bewoond door Joden die sinds de 15de eeuw gedwongen werden er (uit Krakau) naartoe te  verhuizen. Tijdens haar grootste glorie was Kazimierz een belangrijk centrum van de joodse cultuur in Polen en wereldwijd. De rabbijnen genoten er veel respect. Met de moord op haar inwoners door de nazi’s (bekend uit „Schindler’s List, van Steven Spielberg), ging de wijk sterk achteruit. Joodse monumenten, in het bijzonder de gebedshuizen, werden regelmatig verwoest, huizen veranderden in bouwvallen. De wijk kreeg een zeer slechte reputatie.

 Het joodse Kazimierz in 1936.

Vandaag is Kazimierz heel anders. De woningen zijn weer opgeknapt en vele ervan zijn nu cafés, restaurants en cafetaria’s, de meeste serveren weer de traditionele joodse gerechten in een interieur met een traditionele stijl. Steeds meer artiesten willen er hun studio’s vestigen en in de wijk vinden veel culturele evenementen plaats, zoals een jaarlijks festival van de joodse cultuur. Misschien gaat in die moderne drukte iets van de oude unieke sfeer van de joodse wijk verloren, maar de stille getuigen van dat verleden worden er nu tenminste weer gekoesterd.

Szeroka Straat

We begonnen onze wandeling door Kazimierz met koffie op een plaats die een grote verrassing voor ons was. Het is gelegen aan de Szeroka Straat (het voormalige centrum van de joodse wijk). Van buiten leek het helemaal niet op een restaurant maar op een oude joodse winkel met ringen in de etalage. Wat geïntrigeerd keken we naar binnen en zagen een mooi café-interieur vol met oude meubels en memorabilia die verband hielden met de Joden. Zo waren er een trouwjurk en een herenkostuum te zien. Het staat op de plaats in van een vroegere winkel en twee kleinere ateliers, waaronder dat van een kleermaker. We vonden het zo leuk dat we er paar koppen koffie dronken, luisterend naar de heel discreet klinkende joodse liederen en muziek.

Op deze manier in de juiste stemming gebracht, gingen we op weg naar wat over is van Kazimierz, dat sinds 1978 op de lijst van Wereld erfgoed staat.

 Het jiddische lied: Kinderjohren

De Remuh synagoge met begraafplaats
De bescheidenheid van het gebouw, gebouwd in 1558 is misleidend. De Remuh synagoge is waarschijnlijk ontstaan als een gebedshuis voor de familie van de koninklijke bankier Isserles Auerbach. Het is de op één na oudste synagoge in de wijk. Vandaag is het een van de twee nog actieve synagogen van Krakau en de enige waarin nog regelmatig diensen worden gehouden. De naam Remuh komt van de van de zoon van de oprichter, de beroemde rabbi Moses Isserles (Rabim Moses Remuh), wiens graf op de begraafplaats naast de synagoge ligt. De overlevering zegt dat iemand die probeert dit graf te schenden spoedig zal sterven. Zelfs de nazi’s, in WWII, hebben niet gewaagd het te schenden.

Remuh synagoge – front

Geopend in 1535 is de begraafplaats Remuh de oudste Joodse begraafplaats in Cracow en een van de oudste in Europa – de oudste bewaard gebleven grafsteen dateert uit 1552. Joden werden hier begraven tot medio negentiende eeuw. Na de Tweede Wereldoorlog werd de begraafplaats gebruikt als vuilnisbelt (alleen Isserles graf en een paar andere overleefden dat). In de jaren ’50 van de vorige eeuw werd een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Dat resulteerde in het ontdekken van honderden, onder de grond verborgen grafstenen, 700 zerken en sarcofagen uit de 16de en de 17de eeuw. Veel fragmenten van grafstenen zijn nu in de kerkhofmuur van vandaag geplaatst en vormen zo een wel heel bijzondere  klaagmuur.
Op de foto: het graf van Rabbi Mozes Isserles.

De Oude Synagoge
Het is één van de oudst bewaard gebleven synagogen in Polen en één van de belangrijkste joodse monumenten van religieuze architectuur in Europa. Tot het jaar 1939 diende hij als centrale synagoge, het belangrijkste religieuze, culturele, sociale en organisatorische centrum van de Krakauer joodse gemeenschap. Het huisvest nu een afdeling van het Krakauer Historisch Museum. Die tentoonstelling heet de Geschiedenis en Cultuur van de Joden. Het huidige uiterlijk van de synagoge is het resultaat van meerdere reconstructies en aanpassingen.

De Oude Synagoge

Hier ziet men onder andere, een renaissance portaal uit de tweede helft van 16de eeuw, een barok stenen collecte bus uit de 17de eeuw, de laat renaissance historische muurschilderingen van Aron Kodesh en veel waardevolle liturgische voorwerpen.

Slechts zes synagogen overleefden tot vandaag, waaronder de 19de eeuwse Tempel- synagoge, waar, tot groot ongenoegen van de orthodoxe Chassidische joden, sommige joodse diensten in het Hebreeuws gevierd werden. Momenteel worden er concerten georganiseerd. Wandelen door de buurt kwamen we langs het gebouw van de School van het Talmoed Genootschap uit 1901. Ook hebben we de boekwinkel bezocht, waar men joodse boeken en cd’s met joodse muziek kan kopen. Verder hebben we iets gebruikt in een van de vele pubs in de Szeroka Straat. Tenslotte gingen we naar het beroemde Klezmer Hois restaurant om te luisteren naar een “live” zingende joodse zangeres. Toen de lichtjes aan waren en het nachtleven in alle cafés en restaurants begon, verlieten we de wijk. Dit was het einde van het bezoek aan Krakau…

 Kazimierz ‘s nachts

Lees ook:  Terugkeer van de Poolse Joden – NRC

Supplement

We kwamen terug naar Krakau – slechts voor een nacht – drie jaar later. De Krakauer markt heeft een nieuwe attractie gekregen – een fontein (kan een marktplein zonder een fontein?). Maar deze heeft grote tegenstellingen opgeroepen en werd door velen zonder enthousiasme begroet. Wie heeft er gelijk? Moet niet iedereen voor zichzelf een oordeel vormen? Wat zou de beroemde Krakauer zanger en dichter Marek Grechuta ervan vinden?

 Kraków”, Marek Grechuta & Myslowitz.

Verder in Krakau
Natuurlijk heeft Krakau, in de stad, veel meer plekken die de moeite waard om te ontdekken. Maar diegenen, die met de auto komen, kunnen ook uitstapjes maken in de omgeving om meer oudheden te zien of gewoon om te genieten van het prachtige, natuurlijke landschap. Hier een aantal interessante plaatsen:

  • Wieliczka zoutmijn

  •  Nationaal Park in Ocjow met het kasteel Ojców

  •  Kasteel Pieskowa Skala

  •  Prądnikvallei met een fietsroute

  • Benedictijner klooster in Tyniec

Wie geïnteresseerd is, kan ook het voormalig concentratiekamp Oswiecim (Auschwitz) bezoeken. Het is zo’n 70 km van Krakau gelegen.

Renata Głuszek  Foto: Vikimedia Commons, Katarzyna Olczak, Han Tiggelaar, Renata Głuszek

 Zie ook: Briefkaarten uit Krakau